Als uw partner overlijdt, verandert uw financiële situatie ingrijpend. U verliest (een deel van) het inkomen, maar u heeft mogelijk recht op nabestaandenpensioen, partnerpensioen en ANW-uitkering. Dit is wat u moet weten.
Partnerpensioen (tweede pijler)
Als uw partner deelnam aan een pensioenregeling via de werkgever, heeft u mogelijk recht op partnerpensioen. Dit is een uitkering die u ontvangt na het overlijden van uw partner.
De hoogte verschilt sterk per pensioenregeling:
- Meestal 50–70% van het ouderdomspensioen dat uw partner opgebouwd had
- Sommige regelingen keren levenslang uit, anderen tot uw hertrouwen of samenwonen
- Bij grote pensioenfondsen (ABP, PFZW, Bpf Bouw) is dit goed geregeld
- Bij kleinere regelingen of ZZP'ers: weinig of geen nabestaandenpensioen
Vraag dit op bij de werkgever of het pensioenfonds van de overledene.
AOW en nabestaandenuitkering
Als uw partner AOW ontving en u beiden al met AOW waren, valt de AOW van uw partner weg. U ontvangt uw eigen AOW. Als u de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt, kunt u ANW-uitkering aanvragen.
ANW-uitkering (Anw = Algemene nabestaandenwet)
De ANW is een basisuitkering voor nabestaanden die nog niet de AOW-leeftijd hebben bereikt.
Voorwaarden:
- Uw partner was verzekerd voor de ANW (in Nederland woonachtig of werkend)
- U bent jonger dan de AOW-leeftijd
- U heeft een kind onder de 18, of bent meer dan 45% arbeidsongeschikt
Hoogte (2025): maximaal €1.452 per maand (netto). Wordt gekort als u eigen inkomen heeft.
Aanvragen: bij de SVB (Sociale Verzekeringsbank) binnen 52 weken na overlijden.
Praktische stappen
1. Meld het overlijden bij de werkgever en het pensioenfonds van de overledene
2. Vraag de nabestaandenpensioenverklaring op
3. Vraag ANW-uitkering aan bij SVB (svb.nl) als u in aanmerking komt
4. Herbereken uw budget — misschien is tijdelijk werk of aanvullend pensioen nodig
5. Bespreek uw financiële situatie met een financieel planner



