Als iemand die u liefhebt overlijdt door suïcide, is de rouw anders dan bij andere sterfgevallen. Er zijn vragen die misschien nooit beantwoord worden. Er is schuldgevoel, soms woede, soms opluchting — en dan weer schuldgevoel over de opluchting. Dit is wat u moet weten.
Wat maakt rouw na suïcide anders?
Nabestaanden van suïcide — "survivors of suicide loss" in de internationale terminologie — ervaren specifieke en intense emoties:
Schuld: "Had ik het kunnen voorkomen?" — een vraag die zelden een eerlijk antwoord heeft.
Schaamte: sociale stigma rondom suïcide maakt dat nabestaanden soms de doodsoorzaak verzwijgen.
Boosheid: op de overledene, op uzelf, op de omstandigheden.
Verwarring: het ontbreken van een "logische" reden maakt verwerking moeilijker.
Zoeken naar antwoorden: het herbeleven van de laatste momenten, het zoeken naar signalen die er "hadden moeten zijn".
Schuldgevoel: wat is realistisch?
Schuldgevoel is bijna universeel bij nabestaanden van suïcide. Maar de realiteit is:
- Suïcide is het gevolg van een complexe wisselwerking van psychische aandoeningen, levensomstandigheden en biologische factoren
- De meeste suïcides komen als een schok — ook voor de direct omgeving
- U bent niet verantwoordelijk voor de keuzes van een ander
- Professionele hulpverleners met jarenlange ervaring "missen" suïcide regelmatig — u kunt het met recht niet altijd zien aankomen
Hulp zoeken: zo snel mogelijk
Rouw na suïcide vraagt bijna altijd om professionele begeleiding. Het is te complex en te zwaar om alleen te dragen.
Direct na het overlijden:
- Slachtofferhulp Nederland — 0900-0101 — ook voor nabestaanden van suïcide
- 113 Zelfmoordpreventie — 0800-0113 — voor nabestaanden die zelf in crisis zijn
Op langere termijn:
- Rouwtherapeut gespecialiseerd in traumatische verliezen
- Lotgenotengroepen: Stichting 113 organiseert gespreksgroepen voor nabestaanden
Hoe vertel je het aan anderen?
U hoeft de doodsoorzaak niet te melden aan iedereen. Maar het verzwijgen heeft een prijs — het houdt de schaamte in stand.
Formuleringen die werken:
"Hij/zij is heel plotseling gestorven."
"Ze is gestorven aan psychische ziekte."
"Hij heeft zichzelf van het leven beroofd."
U kiest zelf wanneer en aan wie u dit deelt. Met uw directe omgeving (partner, kinderen, goede vrienden) is openheid op den duur beter voor uw herstel.



